Bijgevolg is de mate van blootstelling aan condensatie,
lekken of opslagtermijn in stilstand voordat de woekering
begint drastisch beperkt. De kwaliteit van moderne
biobrandstoffen neemt veel sneller af dan die van hun
voorgangers op basis van petroleum.
Kolonievormende eenheden van bacteriën groeien op
het contactoppervlak tussen water en brandstof tot ze uit
de brandstof naar de bodem van de tank zinken, waar
zich snel biofilms en
slib vormen.
De bacteriën voeden zich met brandstof, maar de
microben eten de brandstof niet geheel op: ze breken de
koolstofketens af zodat de verbrandingseigenschappen
afnemen. Dit leidt tot:
• slecht (of helemaal niet) starten
• buitensporige rookvorming
• verminderd vermogen
MICROBIËLE CONTAMINATIE IS NIET BEPERKT TOT
DIESEL
Vliegtuigbrandstoffen hebben met dezelfde problemen te
kampen; vandaar de strikte beheersingsregimes voor de
brandstoffen in die sector. Tot voor de introductie van
een biogehalte bleef alleen benzine gespaard van
microbiële contaminatie, maar benzine die bio-ethanol
bevat lijdt er evenzeer onder.
Het veralgemeend gebruik van biobrandstoffen is voor
brandstoffen een verandering die minstens zo diepgaand
is als de omschakeling naar loodvrije benzine in de jaren
90. Kwaliteitsbeheer voor brandstoffen is niet langer
alleen een kwestie voor raffinaderijen, scheepseigenaars
en luchtvaartmaatschappijen:
microbiële contaminatie
belangt iedereen aan.